Datum uitspraak: 21-01-2021

Een bedrijf uit Leeuwarden is schuldig aan de dood van een werknemer in 2018. De man kwam tijdens werkzaamheden in het Groningse dorp Middelstum bekneld te zitten tussen een machine en de bodem van een container.

De rechtbank Overijssel oordeelt dat het bedrijf de Arbeidsomstandighedenwet heeft overtreden en daardoor schuldig is aan het ongeval met dodelijke afloop. Het bedrijf is veroordeeld tot het betalen van een boete van 100.000 euro, waarvan 30.000 euro voorwaardelijk.

Het slachtoffer, een 59-jarige man, is door een uitzendbureau gekoppeld aan een bedrijf dat gespecialiseerd is in sloopwerkzaamheden. Op 18 mei is de man aan het werk in het dorp Middelstum. Er wordt aan hem gevraagd om twee machines in een container te plaatsen, waaronder een zogenoemde schranklader. De hoogwerker is eerst in de container gereden en daarna heeft het slachtoffer de schranklader in de container gereden. Omdat de deuren niet dicht konden is de schranklader achterstevoren in de container gereden. Bij het uitstappen is de man gevallen en kwam doordat de giek zakte klem te zitten tussen de bodem van de container en de machine. Hierdoor is de man – als gevolg van verstikking – overleden.

Uit onderzoek naar de machine blijkt dat essentiële beveiligingsonderdelen verwijderd waren waardoor de giek heeft kunnen zakken, er nooit onderhoud is gepleegd, en de machine niet periodiek gekeurd is . Hierdoor is de schranklader volgens de rechtbank een levensgevaarlijk arbeidsmachine geworden.

Ook kenden medewerkers van het sloopbedrijf het personeelshandboek – met veiligheidsvoorschriften – niet en was de voorman tijdens de werkzaamheden niet op de bouwplaats aanwezig. Het Friese bedrijf had hier wel voor zorg moeten dragen en hierdoor is het verantwoordelijk voor het dodelijk ongeval. Als de beveiligingen hadden gewerkt, had het ongeval niet kunnen gebeuren.

Doordat verdachte ervoor heeft gekozen de schranklader niet periodiek te laten keuren en geen groot onderhoud te laten uitvoeren aan die machine, is dit gebrek niet aan het licht gekomen en hersteld. De rechtbank rekent het (de bestuurders van) het bedrijf zwaar aan dat zij na het ongeval geen contact hebben gezocht met de nabestaanden van de uitzendkracht.

Alleen een hoge boete is op z’n plaats. Bij het bepalen van die straf houdt de rechtbank onder andere rekening met de jaaromzet van het bedrijf. Een lagere boete dan een ton is niet op z’n plaats omdat het verwijt dat het bedrijf kan worden gemaakt zeer ernstig is. Om te zorgen dat het bedrijf in de toekomt zich wel houdt aan de voorschriften en medewerkers goed voorlicht wordt een deel van de boete voorwaardelijk opgelegd, met een proeftijd van 3 jaar.

Gehele uitspraak lezen, volg dan deze: LINK


0 reacties

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: